In het jargon staan ‘kbA’ en ‘kbT’ voor ‘gecontroleerde biologische teelt’ en ‘gecontroleerde biologische veehouderij’. Ze verwijzen naar de productie van landbouwproducten (bv. biologisch katoen of biologische scheerwol) op basis van productiemethoden die zo natuurlijk mogelijk zijn en zo goed mogelijk op de soort zijn afgestemd.
Bovendien wordt aandacht besteed aan vruchtwisseling tijdens de teelt. Dit betekent dat op de akkers niet altijd slechts één gewas wordt verbouwd, maar ook andere gewassen, waardoor de bodemvruchtbaarheid op lange termijn verbeterd kan worden.
De biologische veehouderij heeft hoge normen op het vlak van dierenwelzijn en zorgt ervoor dat de dieren worden gehouden op een wijze die beter past bij hun soort. Dat wordt onder meer gewaarborgd door het verbod op het gebruik van enkelvoudig diervoeder en de hogere minimumeisen voor de ruimte die de dieren tot hun beschikking hebben.